#2.5

Otto en de man met de bijzondere irissen liepen naar binnen, naar de receptie. Wat kan ik voor u doen? zei de receptioniste glimlachend, ze knipperde haar ogen als een verliefd meisje. Otto knikte. Zijn armen jeuken als nooit te voren zei de man. De receptioniste fronste en knikte begrijpend. O, maar dat kan niet zomaar, daar moeten we iets aan doen zei ze resoluut. Ze kwam achter haar balie vandaan, ging midden in de hal staan en riep luid DOKTER? DOKTER? en het resoneerde door heel het gebouw.

Een klein mannetje met een bril met ronde brilglazen kwam de gigantische wenteltrap afgelopen en zei zo zacht dat Otto en meneer een stap naar voren moesten doen om te laten blijken dat ze het wel erg zacht vonden hier ben ik.